2008 - Apollo

In het scheepsbouw jaar 2007 werden paar honderd nieuwe binnenvaartschepen aan aan de West/Europeese vloot toegevoegd, het merendeel daarvan voor Nederlandse eigenaren en grotendeels standaardontwerpen.
De voor de “Schip van het Jaar” prijs genomineerde “Apollo” is daarop een uitzondering.
Dit schip, met een laadvermogen van 7000 ton bij een lengte van 135 m, een breedte van 17,5 meter en een holte van 6,1 meter, is een bijzonder type C tanker. Door toepassing van de Scheldehuid is het schip uitgerust met integrale tanks en een dubbelwandige huid.

 

Hiermee voldoet het schip aan de door de Centrale Rijnvaart Commissie geïntroduceerde ADNR 2005 richtlijn, welke het mogelijk maakt om met grote ladingtanks te varen. 
Met deze grotere tanks wordt meer ladingcapaciteit gecreëerd, wat een sterk economisch voordeel biedt. Tevens worden, door de reductie van het aantal tanks, de milieu en veiligheid risico´s sterk verlaagd. Dit laatste doordat er minder uitrusting op het schip staat waardoor de kans op storingen daalt en er minder handelingen plaatsvinden waardoor de kans op fouten minder wordt.

In de richtlijn moet worden aangetoond dat het risico met betrekking tot lek raken en het uitstromen van gevaarlijke lading voor een schip met grotere tanks niet groter is dan voor een schip met de in de regelgeving vastgelegde maximale tankgrootte. Hiervoor is het noodzakelijk dat het toepassen van grotere tanks wordt gecombineerd met een huidconstructie die de energieabsorptiecapaciteit bij aanvaringen sterk vergroot. 
Doordat een groot schip nauwelijks verzet bij een aanvaring is dit een grote uitdaging aangezien een groot percentage van de beschikbare aanvaringsenergie omgezet moet worden in vervorming van de huidconstructie. 
Met het toepassen van de Scheldehuid is deze energie-absorptie gehaald.
Wetenschappelijke instituten zoals het TNO hebben een grote rol gespeeld bij de ontwikkeling van deze huidconstructie. Met behulp van aanvaringsproeven en berekeningen was het mogelijk om de effecten van aanvaringen op wetenschappelijke en praktische wijze in beeld te brengen. 
Door de ingenieurs van De Schelde zijn deze resultaten vertaald in ontwerpen van constructies die aan de eisen van de bovengenoemde richtlijn van de ADNR kunnen voldoen.
Het initiatief voor de bouw van de “Apollo” werd genomen door de heer Deen van Deen Shipping uit Zwijndrecht. Hij had als doel een tanker te bouwen met 12 tanks van 760 m3. Dit in plaats van de gebruikelijke 24 tanks van 380 m3.
Om dat mogelijk te maken heeft hij Schelde Marinebouw de “botsbestendige” huid laten ontwerpen en is er in geslaagd om, met medewerking van TNO Centre for Mechanical and Maritime Studies, de noodzakelijke goedkeuring volgens de eisen van de ADNR Richtlijn te verkrijgen.
Het schip is ontworpen door INEC uit Portugaal, het casco is gebouwd in China en afgebouwd bij Breko Nieuwbouw in Papendrecht. Het schip wordt voortgestuwd door 2 motoren van 1500 pk, heeft 4 roeren, 4 dieselgeneratorsets, 2 boegschroeven, elektrisch aangedreven ladingpompen en een uitgebreide monitoringinstallatie voor lading temperatuur, druk- en tankniveau. 
De gekozen oplossing heeft als nadeel dat er kosten verbonden zijn aan het organiseren van de ADNR goedkeuring en dat het casco ten opzichte van een minimaal referentiecasco circa 2,5 % zwaarder is.
De uitgangspunten waarop het ontwerp van de “Apollo” is gebaseerd resulteren in een grotere veiligheid, verbeterde milieuaspecten en economische voordelen. Het feit dat dit ontwerp succesvol is, blijkt uit het feit dat er inmiddels vijf volgende schepen volgens deze ontwerpfilosofi fi e fi zijn besteld en er over verdere contracten wordt onderhandeld.

Schip van het jaar nominaties overzicht